Melk- en vleesproductie
‘Mensen schrikken altijd een beetje als ze horen dat ik in een slachthuis werk. Maar ik ben echt heel enthousiast over mijn vak. Het gaat echt niet alleen om de slacht, of om voedselveiligheid, maar júíst ook om het dierenwelzijn. Ik zie erop toe dat de wet- en regelgeving wordt nageleefd, dat ziektes worden opgespoord en dat dieren goed worden behandeld. Als dat niet zo is dan grijp ik onmiddellijk in.
Bedrijfsmatig proces
Ik houd van netjes en gestructureerd werken. Als dat ergens gebeurt, is het wel in het slachthuis. Al tijdens mijn studie diergeneeskunde was ik geïnteresseerd in het bedrijfsmatige proces van slachthuizen. Na mijn studie werkte ik een tijdje bij de Kwaliteitskeuring Dierlijke Sector (KDS) in het slachthuis, waar ik geslachte varkens inspecteerde. De KDS assisteert de NVWA-dierenarts ter plekke. Dat bracht me op het idee dat toezichthoudend dierenarts worden een logische vervolgstap was.
Pathologierapport
Ik werk in verschillende slachthuizen. Soms ergens waar alleen runderen worden geslacht, maar op andere plekken heb ik maken met schapen en geiten en soms een paard.
Met name runderen vind ik mooie beesten, van binnen en van buiten. Pathologie, de ziekteleer, spreekt me ook erg aan. Als je afwijkingen tegenkomt bij de slacht maar niet weet wat het is, stuur je weefsel op naar de faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht. Een week later ligt er een uitgebreid pathologierapport in je mailbox. Dat is toch prachtig?
Team voor ziektegevallen
Als dierenarts ben je verplicht om aangifte te doen bij gevaarlijke ziektes als mond- en klauwzeer en varkenspest. Een wisselend team van NVWA-dierenartsen komt dan bij de slachterij, veearts of particulier de melding onderzoeken. Omdat ik al toezichthoudend dierenarts ben, volstaat een korte opleiding om me daarbij aan te mogen sluiten. Iets wat ik in de toekomt hoop te doen. Dan zal ik me met liefde een weekje laten uitroosteren om af en toe een week met het team mee te kunnen draaien.’