De geopolitieke ontwikkelingen hebben de noodzaak van een slimme en sterke krijgsmacht helder gemaakt. Nederland kan in de nabije toekomst ongewild betrokken raken bij een grootschalig militair conflict in Europa tegen een gelijkwaardige tegenstander. Na jaren van krimp en krapte kan de krijgsmacht weer groeien, waardoor het gehele ministerie op elk gebied voor grote uitdagingen komt te staan. Dit vraagt om veranderingen in gedrag, werkwijze en sturing: het ministerie van Defensie moet soepel, sterk en wendbaar zijn en zich kenmerken als:
- een betrouwbare bondgenoot voor internationale partners;
- een betrouwbare, aantrekkelijke en plezierige werkgever voor alle medewerkers;
- een wendbare netwerkorganisatie die in staat is op- en af te schalen met organisaties en groepen buiten het ministerie;
- een toekomstgerichte samenwerkingspartner in Den Haag (voor andere ministeries) en in Nederland (voor de samenleving, andere overheden en bedrijven).
De gezamenlijke hoofdopdracht van de Bestuursraad is het realiseren van Gevechtskracht. De geopolitieke situatie in de wereld en de actuele dreiging vragen immers om een sterker en internationaal verbonden ministerie en krijgsmacht. De Defensienota 2026 werkt die opdracht verder uit. Sturingselementen daarbij zijn in elk geval:
- het versterken van het realisatievermogen van Defensie en het daartoe versnellen en vereenvoudigen van besluitvorming, sturing en prioritering in de organisatie;
- het versterken van de samenwerking tussen en binnen onderdelen, eenheden en afdelingen;
- het positioneren van het ministerie midden in de samenleving, op terreinen als industrie, personeel en weerbaarheid;
- het verhogen van het realisatievermogen van Defensie door te sturen op een eigentijdse en effectievere toepassing op het gebied van vernieuwen, bedrijfsvoering en rechtmatigheid. Dit geldt voor alle gebieden, zoals inkoop, informatievoorziening, ICT, personeelszorg (HRM), vastgoed en financiën;
- het bevorderen van innovatie door met anderen (buiten en binnen) te ontwikkelen, (technologisch) vooruitstrevend en informatiegestuurd te werken.
De opgave reikt verder dan het ministerie en de krijgsmacht: weerstand bieden aan de nieuwe dreigingen vraagt om samenwerking met andere departementen en met de samenleving als geheel ("whole of society"). Vanuit Defensie en haar partners wordt hier op meerdere fronten invulling aan gegeven.
De plaatsvervangend secretaris-generaal
De functie van de plaatsvervangend secretaris-generaal (pSG) omvat vier hoofdonderdelen:
- Is onderdeel van de ambtelijke leiding met focus op functioneren van de brede bedrijfsvoering en vervanging van de SG.
- Is verantwoordelijk voor de vijf directies binnen de Bestuursstaf.
- Is verantwoordelijk voor de aansturing van de Bestuursstaf.
- Is beheersverantwoordelijk voor een aantal organisatieonderdelen (Bijzondere Organisatie Eenheden).
De sturing op de brede bedrijfsvoering is bij Defensie verankerd in de verticale lijn, conform het model "besturen bij Defensie". Deze sturing wordt aangevuld met functionele sturing op domeinen en ketens (zoals bedrijfsvoering, juridisch, informatie, communicatie, personeel en financiën). De pSG ziet er vanuit de algemene leiding op toe dat deze lijn en ketens goed functioneren en stuurt waar nodig op hun verdere ontwikkeling - daar ligt ook de ontwikkelvraag van versnellen van de besluitvorming, sturing en prioritering.
De tekst gaat verder onder 'Functie-eisen'.